Skip to content
Sterker dan Ooit, authenticiteit, kwetsbaarheid

Struggles overslaan

Ze zit tegenover me. Een sterke vrouw. Altijd voor zichzelf gezorgd en sinds een paar jaar ook voor haar man. Ze trekt als tijdelijke manager een groot project, waar de medewerkers bij bosjes omvallen vanwege burnout en onveiligheid in de organisatie.

Ze is moe. Dat is niet van de ene op de andere dag. De jaren van zorgen en verantwoordelijkheid beginnen hun tol te eisen. Ze weet dat ze goed (of beter?) voor zichzelf moet zorgen. Maar hoe? Wanneer? Op welke manier? Ze is zelfs vergeten wat ze leuk vind om te doen.

Ze durft het coachtraject aan te gaan. Wetend dat het niet makkelijk zal zijn. Dat er gedoe boven komt. Dat er emoties zijn. Dat er werk te doen is. Ze is moedig genoeg om het allemaal in de ogen te kijken. Een sterke vrouw.

Maar soms zou ze willen dat er een eind aan komt aan de worsteling. Dat de struggles klaar zijn. Dat het werk af is en gedaan. Even uitblazen. Herken je dat ? Ik wel. Als je weet wanneer het ophoudt, kun je het makkelijker dragen. Als je weet dat er een einde komt aan je worsteling, dan valt het te overzien, dan weet je dat het goed komt.

Is er niet een manier om die struggle over te slaan? Te leren van anderen die dezelfde problemen hebben meegemaakt? Door te gaan naar START en de ellende achter je te laten? In het boek Sterker dan Ooit verwijst Brené Brown naar de driedaagse training The Daring Way. Op dag 2 gaat het over de moeilijkste thema’s: kwetsbaarheid, schaamte, wat houdt je klein en wat zijn de nutteloze beschermingsmechanismen waarven je al die jaren dacht dat ze je veilig konden houden.

You cannot skip day 2 – Brené Brown

Je kunt dag 2 niet overslaan om de échte lessen van dag 3 te leren. Het werkt niet om om je worsteling heen te lopen, die te ontkennen of te laten liggen en door te stomen naar de overwinning, het herstel, de glorie.

Het is als in de ‘hero’s journey‘. In de struggles, daar zit het begin van een antwoord. En dat antwoord is voor iedereen anders. Zelfs de vragen zijn persoonlijk en veranderen gedurende de tijd.

En daarom moet je je eigen weg vinden. Daarom is er geen ‘one-stop-shop’. Geen eenduidig recept dat voor iedereen werkt. In Sterker dan Ooit schrijft Brené: ‘Over dit deel van het proces valt niet te onderhandelen. Ervaring en succes zorgen er niet voor dat je gemakkelijk door dit middelste gebied heen zeilt. Die fluisteren je alleen toe: ‘Dit maakt deel uit van het proces. Stug doorzetten’. Ervaring veroorzaakt zelf geen klein sprankje licht in het donker van het midden. Ervaring geeft je alleen een heel klein beetje geloof in je vermogen om door het duister te laveren. Het midden is vervelend, maar het is ook de plek waar de magie plaatsvindt.

Weinig kans dus, om je struggles over te slaan. Niet als je écht wilt ontdekken wat er gaande is. En je eigen verhaal zelf je eigen einde geven.

Gelukkig hoeven we het niet alleen te doen. Daar waren we nooit voor gemaakt. Dat je je eigen pad moet lopen, betekent niet dat je geen hulp kunt krijgen. Dat je het allemaal zelf moet uitzoeken.

Juist niet. Mét elkaar je eigen weg vinden. Dat is, hoe je langzaam, maar zeker door het midden kunt komen en sterker dan ooit een nieuw einde aan je verhaal kunt schrijven.

 

boeken van Brené Brown

De boeken van Brené Brown

Vier boeken schreef Brené Brown inmiddels.

En ik heb uit betrouwbare bron vernomen dat ze binnenkort aan haar vijfde boek begint te schrijven. Waarover dat gaat? Geen idee. Maar als ik het hoor, laat ik het je weten.

De boeken hebben overeenkomsten. Dit zijn ze:

– Ze zijn allemaal in het Nederlands vertaald. Niet in dezelfde volgorde als Brené ze schreef. En ze zijn ook niet allemaal door dezelfde persoon vertaald.

– Elk boek heeft als basis het wetenschappelijk onderzoek dat Brené doet aan de universiteit van Houston.

– In elk boek illustreert Brené haar onderzoek met herkenbare verhalen. Van de mensen die ze heeft geïnterviewd, maar ook haar eigen verhalen ontbreken niet.

– In elk boek is er een relatie met kwetsbaarheid en schaamte. Dit was de basis van het onderzoek van Brené en zal ook de basis blijven. Haar boeken vertellen steeds een (nieuw) deel van dat verhaal dat gaat over verbinding maken, wholehearted leven en de kwetsbaarheid die daar bij komt kijken.

Maar wat is nu het belangrijkste verschil tussen de boeken? Ik bespreek ze hieronder per boek, in de volgorde waarin Brené ze schreef.

Gelukkig ben ik niet de enige

Dit boek schreef Brené al in 2007. En dat was een bewerking van een boek dat ze begin deze eeuw in eigen beheer uitbracht. De Engelse titel van dit boek is: I thought it was just me (but it isn’t). Dit boek beschrijft het onderzoek naar schaamte onder vrouwen. In dit boek vind je nog niet zoveel informatie over hoe schaamte bij mannen zich voordoet. Wél vind je uitgelegd hoe schaamte werkt, wat de meest voorkomende triggers zijn en welke vier stappen helpen om veerkracht tegen schaamte te ontwikkelen. In Nederland werd dit boek als derde vertaald en uitgegeven. Lees dit boek als je meer diepgang wilt over het onderzoek naar schaamte en de basis daarvan wilt leren kennen. Maar realiseer je ook dat er voortschrijdend inzicht is en dat sommige resultaten van het onderzoek die in dat boek zijn beschreven inmiddels iets anders lijken te zijn.

De Moed van Imperfectie

Dit is het dunste boek van Brené. Ze schreef het in 2010 onder de titel The Gifts of Imperfection. De kern hiervan is om richtlijnen en wegwijzers te geven voor wholehearted leven. In dit boek vind je een korte inleiding over schaamte en kwetsbaarheid en wat ons belemmert om wholehearted te leven. De kern van het boek wordt gevormd door 10 wegwijzers die steeds aangeven wat mensen die wholehearted leven wél doen en wat ze niet doen. Deze tien wegwijzers zijn gebaseerd op het onderzoek dat Brené hiernaar deed. Je kunt het boek gebruiken om je te laten inspireren welke keuzes je wilt maken en wat dat betekent voor hoe je je dagelijkse leven in wilt richten. Verwacht geen 10-punten plan. Dat is het werk van Brené niet en ze gelooft ook niet dat het zo simpel ligt. Maar ga op zoek, op basis van de inzichten, naar wat dit voor jou zou kunnen betekenen.

De Kracht van Kwetsbaarheid

In Nederland het bekendste boek denk ik, misschien ook wel omdat de titel gelijk is aan haar meest bekeken TED-talk: The Power of Vulnerability. Maar het boek is niet helemaal precies gelijk. De Engelse titel is Daring Greatly en het werd in korte tijd een beststeller. Dit boek beschrijft de kern van haar werk rond kwetsbaarheid. De mythes en paradoxen rond kwetsbaarheid, hoe we ons beschermen tegen schaamte en kwetsbaarheid en waarom dat niet werkt. En wat het betekent om moedig te zijn en te durven leven naar onze waarden. Ook vind je in dit boek een aantal specifieke toelichtingen voor thuis, op scholen en in organisaties. Dit boek is uitgewerkt in een trainingsprogramma met als titel: The Daring Way™. Lees dit boek als goede basis van het werk van Brené, als je meer wilt weten over kwetsbaarheid.

Sterker dan Ooit

Dit is Brené’s meest recente boek. Het kwam uit in de zomer van 2015 met als titel Rising Strong. In dit boek beschrijft Brené wat mensen doen,die hebben geleerd om sterker te worden van tegenslagen, falen en mislukkingen. En het gaat dan niet alleen om de grote life-events, maar ook om de dagelijkse dingen die tegenzitten en anders lopen dat je had gehoopt of verwacht. Kwetsbaarheid komt ook hier in terug, maar de focus is vooral op gedrag, gevoel en gedachte. De patronen die we ons hebben aangeleerd, de verhalen die we onszelf vertellen en hoe die ons weghouden van wie dat we eigenlijk écht willenzijn. En in dit boek veel aandacht voor emoties, hoe we daar over kunnen praten, hoe die ons gedrag beïnvloeden en hoe we daar bewuste keuzes in kunnen maken. Lees dit boek als je wilt weten hoe je met tegenslag om kunt gaan. Of dat nu in je werk is, of in een privé-situatie, je kunt het overal op toepassen. Dit boek is ook vertaald in een trainingsprogramma, met dezelfde titel: Rising Strong.

Hoe verhouden de boeken zich onderling?

Dit is wat Brené daar over zegt:

The Gifts of Imperfection: Be You – Jezelf zijn

Daring Greatly: Be All In – Er helemaal voor gaan

Rising Strong: Fall. Get Up. Try Again. – Vallen, opstaan en opnieuw proberen

In welke volgorde kun je de boeken het best lezen?

Dat ligt natuurlijk een beetje aan wat je wilt weten.

– zoek je chronologie? Lees ze in bovenstaande volgorde

– zoek je praktische tips en dagelijkse inspiratie? Lees De Moed van Imperfectie

– meer weten over kwetsbaarheid? Lees De Kracht van Kwetsbaarheid

– aan het worstelen met tegenslagen? Begin met Sterker dan Ooit.

Heb je nog andere vragen over de boeken van Brené? Laat ze me weten, dan vul ik deze blog aan met de antwoorden op jouw vragen.

Krachtweekend Berghut

Geluk in de bergen

Ik heb het aan zee.

En in de bergen. Dat je je klein voelt, maar niet op een vervelende manier. Dat je onderdeel bent van iets groters, waar je niet precies de vinger op kunt leggen. Maar het voelt goed.

‘Awe’ noemen de Engelsen het.

Ontzag of verwondering in het Nederlands. En er is eigenlijk nog niet zoveel bekend over hoe het precies werkt, maar wél dat het een belangrijke boost geeft voor je geluk.

Dit is wat we wel weten: de natuur is een belangrijke factor voor ons welbevinden. Een wandeling in het park doet wonderen voor je fysieke gezondheid én voor je geestelijke welzijn. En ‘awe’ leidt tot meer altruïsme, meer vriendelijkheid en meer positief sociaal gedrag.

Zelfs een korte ervaring met ‘awe’ is een boost voor je geluk.

Het leidt bovendien tot een verhoogde intellectuele nieuwsgierigheid én een dieper gevoel van bescheidenheid. Daarnaast zijn er aanwijzingen dat ‘awe’ leidt tot lagere cytokine niveau’s. Wat? Cytokine, dat heeft weer een direct effect op je immuunsysteem.

Zo’n ervaring is overigens niet alleen voorbehouden aan de natuur. Ook kunst, muziek kunnen leiden tot het gevoel van verwondering en respect. Als er sprake is van iets dat groter is dan jijzelf en dat je begrip te boven gaat. Dát is het geluksgevoel van ‘awe’.

Geluk is gratis.

Het ligt voor het grijpen. Als je het wilt zien, kun je het overal vinden. Op het strand met uitzicht over zee. ’s Avonds onder een heldere sterrenhemel. Dichterbij dan je denkt.

Zo’n ervaring van ‘awe’ brengt je dichter bij jezelf. En hoe meer je met jezelf in verbinding bent, hoe intenser de verbinding met anderen. Dat geloof ik en dat zie ik keer op keer in mijn werk.

Wil jij dat ook ervaren? Zelf dat gevoel van ‘awe’ ervaren in de bergen? Ga dan mee naar het Krachtweekend in Oostenrijk en ervaar het gevoel van verbinding met jezelf, met elkaar én de natuur.

 

moed van imperfectie

Je innerlijke criticus

Heb jij een innerlijke criticus? Zo één die de hele dag commentaar levert op wat je doet of denkt?

Het is vaak best een zeer scherpzinnig en intelligent verhaal. Je criticus weet exact de vinger te leggen op wat je zwaktes zijn.

Zwaktes in je nieuwe plannen – nee, daar heb je onvoldoende middelen voor
Zwaktes in je vaardigheden – eerst nog even wat ervaring opdoen voor je daar aan kunt beginnen
Zwaktes in je zelf – ik weet niet of er wel iemand op jouw ideeën zit te wachten

Die criticus de mond snoeren is dan ook niet eenvoudig. Het is immers niet allemaal onzin wat die stem ons zegt. De helft, of misschien wel meer dan dat, is eigenlijk wel een beetje waar. Dat vinden we zelf eigenlijk ook. Of zijn we dat zelf? Die innerlijke criticus?

Dit zijn de drie dingen die je over je innerlijke criticus moet weten:

1. Iedereen heeft ’em. Ook al denk je soms dat je de enige bent die er last van heeft, dat is dus niet zo.
2. Je criticus gedraagt zich als een peuter. Gewoon niet naar luisteren helpt niet. Want hoe meer je ’em negeert, hoe harder hij roept.
3. Hij (of zij?) heeft niet altijd alleen maar ongelijk. Zit er soms ook wat zinnigs in wat je innerlijke stem te vertellen heeft? Hoe kom je daarachter? En wat doe je daarmee?

Ben je er een er een beetje (of heel veel) klaar mee om die innerlijke criticus zo’n grote plek in je leven te geven? Wil je weten hoe je daar handiger en effectiever mee om kunt gaan, kom dan naar het event De Moed van Imperfectie. Want dan vertelt Lidewij Niezink ons hoe je om kunt gaan met die innerlijke stem. Hoe kun je er naar luisteren zonder de boodschap te ontwijken? Maar ook zonder erdoor overmand te raken? En zónder dat die criticus je leven gaat bepalen?

Lidewij geeft ons praktische handvatten, gebaseerd op haar jarenlange onderzoek. Een unieke kans om van haar kennis en ervaring te profiteren en in 2017 zélf je keuzes te maken. (En dat niet langer af te laten hangen van wat die peuter in je hoofd te roepen staat.)

Zie ik je daar? Kijk hier voor meer informatie én kaartverkoop…

De wetenschap achter intenties

Je dag met een intentie beginnen. Een woord voor een jaar kiezen. Of voor een specifieke afspraak eerst de tijd nemen om een zin te formuleren die voor jou belangrijk is in die bijeenkomst. Dat klinkt misschien een beetje zweverig. Een beetje soft. Totdat je je realiseert hoe je hersenen werken en gaat begrijpen waarom je dat helpt om te bereiken wat je wilt. Je kent toch dat verschijnsel dat je nooit die ene auto ziet, tot dat je er over denkt om die aan te schaffen? En opeens zijn ze overal om je heen! Of dat je met elkaar een spelletje doet om een gele vogel te spotten in de overtuiging dat die er écht niet zijn, en dan blijken er opeens overal gele vogels op te duiken.

We leven in een wereld met oneindig veel informatie. Elke dag, elke minuut, elke seconde zijn er onnoemelijk veel nieuwe gegevens om ons heen die je brein moet processen. Terwijl ik dit schrijf zie ik de letters op mijn scherm, in mijn (beide) ooghoeken post-its met notities om niet te vergeten, achtergrondgeluiden van de drukte op straat, het scherm van mijn telefoon dat aangeeft dat er een whatsapp is binnengekomen. En dat is nog wat ik bewust waarneem. Als ik er op ga letten voel ik ook nog de spier in mijn linkerschouder die verkrampt is, neem ik waar dat het koud is in mijn werkkamer en heb ik al minstens tien keer gedacht aan de afspraak waar ik straks naar toe moet. En dan ben ik eigenlijk nog bést gefocused aan het werk.

Ons brein is een fantastische computer. Ongelooflijk dat we in al die wirwar van nieuwe informatie tóch (meestal) de juiste dingen doen. En dat komt voor een belangrijk deel omdat onze hersenen verdeeld zijn in een bewust en een onbewust gedeelte. Dat bewuste deel, dat is wat we vaak ons brein noemen. Maar dat is eigenlijk maar een heel klein deel van onze breincapaciteit.

Het onbewuste deel is  veel groter én veel belangrijker dan we denken. De overgrote meerderheid van onze besluiten worden in ons onbewuste brein genomen. Dat lijkt niet altijd zo, want zo gauw er een duidelijke uitkomst is, gaat ons bewuste brein aan de slag met die uitkomst. Ons brein geeft ons een chemische beloning voor het feit dat we een afgerond verhaal hebben. En motiveert en argumenteert waarom ons besluit inderdaad het beste was.

Je kunt je onbewuste brein dus actief aan het werk zetten. Door informatie te verzamelen over een bepaalde keuze en er dan (letterlijk) een nachtje over te slapen, vind je vaak het beste antwoord. Je onbewuste brein is aan de slag gegaan met processing en registreert en verzamelt alles wat belangrijk is rond dat ene thema. Of door te letten op iets wat we belangrijk vinden en oog te hebben voor hoe dat om ons heen beschikbaar is. Auto’s of gele vogels. Of vertrouwen én positiviteit.

Is dat erg? Dat we zoveel onbewust doen? Welnee! Het is juist hard nodig. Anders zouden we in no-time allemaal een overbelast brein hebben en letterlijk kortsluiting in de hersenen. En heb je dan helemaal geen invloed op wat er gebeurt? Daar past nu het mooie van een intentie.

De dag beginnen met een intentie kun je zien als een opdracht aan je onbewuste. Ik neem me voor om vandaar te letten op wat er goed gaat in ons team. Of ik wil vandaag rust creëren in de chaos van de decembermaand. Of, zoals ik dit jaar deed, mijn woord voor dit jaar is JOY. Je waarneming, je interpretatie van de omgeving, je besluitvorming, alles wat je onbewuste brein doet, wordt meer gefocused vanuit die intentie. Dat betekent niet dat je altijd precies krijgt wat je bewust denkt. Maar wel dat dát uitgangspunt letterlijk meer in je gedachten is. En daardoor groter wordt.

Wat je aandacht geeft, groeit.

 

Probeer het eens een tijdje. Schrijf elke ochtend op een post-it, of boven op je TO-DO lijstje wat je intentie is voor de dag. Bedenk bij jezelf voor je een meeting in loopt waar je aandacht aan wil schenken. Denk misschien zelfs eens over een woord voor een week, voor een maand of een jaar. En kijk wat het je oplevert. Het kost je niks.

 

 

Spreek jij altijd de waarheid?

Ik herinner het me als de dag van gisteren. Het moment dat mijn moeder de stekker uit onze sinterklaastraditie trok. (Ik schreef er eerder over in dit blog.) Mijn jongste broer viel van zijn geloof en dat gebeurt toch rond je 6e of 7e jaar? Ik zal dus ongeveer 12 zijn geweest. Ik kan het me nog helder voor de geest halen.

“Dat is dus echt onzin”, zegt mijn moeder als we elkaar spreken op de verjaardag van mijn dochter. “Ik ging zelf twijfelen en heb het nog even gecheckt bij je vader. Maar we hebben Sinterklaas gevierd tot jullie allemaal ongeveer het huis al uit waren”.

Huh? Echt?

Was ik aan het liegen? Draaide ik jullie met opzet een rad voor ogen? En mijzelf erbij? Nee, zeker niet. Ik was er écht van overtuigd. Het was een ‘lie, told honestly’, zoals Brené Brown dat noemtin haar boek Sterker dan Ooit. Een confabulation, een verzinsel, gebaseerd op een verhaal dat je in je hoofd hebt en waar je zelf écht van overtuigd bent.

Het is wat ons brein doet. Met beperkte informatie maken je hersenen een coherent verhaal. En als het verhaal logisch is en past bij de andere bits and pieces, dan is je brein blij. Het geeft zelfs een beloning af in de vorm van dopamine. ‘Goed gedaan! Een kloppend verhaal!’ Of het waar is of niet, doet niet echt ter zake. Zolang het verhaal een verklaring geeft voor wat er is gebeurt, is je brein gerustgesteld.

Dat is natuurlijk een prachtig talent van ons. Dat we de mogelijkheid hebben om iets coherents en kloppends te maken van allemaal losse stukjes informatie. Dat zie je aan het plaatje boven deze blog. Met enig oefenen kun je de zin lezen, zonder dat je alle goede informatie ter beschikking hebt.

Maar het kan ook heel gevaarlijk zijn. Want je brein doet dit de hele dag. Ook bij tegenslagen en mislukkingen. Bij moeilijke projecten waar we fouten maken. Bij pech en ongeluk dat ons overkomt in het leven. Als we falen of onszelf tegenvallen. Je brein is er als de kippen bij om een logische verklaring te geven van wat er is gebeurd. En als we dat verhaal niet checken dan wordt dat onze waarheid, die we vaak ook delen met anderen. Het wordt een oprecht bedoelde leugen. Een ‘lie told honestly’.

Ik heb een paar van die verzinsels op een rijtje gezet. Misschien herken je er één of kun je je eigen verzinsel er bij bedenken.

– Je collega zucht diep op het moment dat je binnenkomt. Jouw brein zegt: zie je wel, hij mag me niet, ik wist het wel. En later zeg je thuis: het is echt moeilijk om samen te werken met iemand die mij niet respecteert.

– Je partner komt thuis en roert in de pannen waar jij net aan het koken bent. Jouw brein zegt: hij vindt dat ik niet lekker kan koken. En als je later zit te eten en je jongste zegt: ik lust dit niet, is dat een extra bevestiging: koken is niet jouw ding.

– Je leidinggevende loopt lachend met een collega door de gang. Je weet dat hij bezig is met de reorganisatie. Jouw brein zegt: zij krijgt die baan, want hij kent haar langer. En bij de lunch zeg je tegen degene die naast je zit: ik heb twijfels of de plaatsing van mensen op de nieuwe functies wel objectief gebeurt.

Misschien herken je de voorbeelden. Of misschien zijn er andere voorbeelden in je eigen leven te herkennen. Het gaat vaak zo snel en zo onopvallend, dat we het niet altijd in de gaten hebben.

En wat het éxtra moeilijk maakt is dat we zelf overtuigd zijn van het waarheidsgehalte. En vraagtekens zetten bij je eigen gedachten, hoe lastig is dat? Maar ook: hoe nódig is dat! Want op die halve waarheden baseren wij ons gedrag. Die sturen onze overtuigingen en onze handelingen die daarop volgen. En de meest gevaarlijke van al die halve waarheden gaan over of we het waard zijn om ergens bij te horen en om van te houden.

The most dangerous stories we make up, are the stories that diminish our inherent worthiness. We must reclaim the truth about our lovability, divinity and creativity – Brené Brown

 

Bewust worden dus van je eigen verhalen, je eigen verzinsels en verklaringen. En dan checken of het klopt. Checken bij jezelf, bij anderen als dat nodig en mogelijk is. En pas als je zeker weet hoe het zit, dan kun je verder met het schrijven van het einde aan je verhaal over de tegenslag die je te verwerken hebt.

 

Dit is een blog in een serie over Rising Strong, het boek van Brené Brown (Sterker dan Ooit) dat gaat over veerkracht, omgaan met teleurstellingen en sterker worden van tegenslagen. 
Op 9|10 december is de 2-daagse training Rising Strong. Meer weten? Kijk hier.
emotionele fitheid

Ben jij emotioneel fit?

Als kind zag ik een keer dat boek: ‘De kracht van het positieve denken’. Dat wilde ik ook wel! Met je gedachten je gedrag beïnvloeden en daardoor een prachtig leven creëren.

Veel later kwam daar de kennis bij over de cognitieve gedragstherapie. A leidt tot B, leidt tot C. A is dan de gebeurtenis, B zijn de gedachten die je daarover hebt en C is het gedrag dat daar uit volgt. Fijn! Een helder schema dat bijna wiskundig uitlegt hoe het werkt in je hoofd en in je leven. Niet de gebeurtenis is belangrijk, maar de manier waarop jij daarover denkt.

Te perfectionistisch? Kijk anders naar wat je hebt gemaakt, dan kun je wél tevreden worden.

Bang dat je door de mand valt? Het zijn alleen maar je gedachten. Als je vaak genoeg tegen jezelf zegt dat je écht wel wat te brengen hebt, dan gaat dat vervelende gevoel vanzelf weg.

Inmiddels heb ik ook ervaren dat dat niet altijd zo eenvoudig werkt. Soms blijft die stem gewoon hardnekkig in je hoofd zitten, hoe hard je ook terugroept dat het onzin is. Soms heb je even helemaal geen zin in een intelligente dialoog in je hoofd over het waarheidsgehalte van je gedachten, maar wil je vooral horen dat je niet de enige bent die zich zo voelt.

Volgens Brené Brown zijn gedachten, gedrag en gevoel de drie poten van een krukje. En, voegt zij er aan toe, het gevoel, de emoties, krijgen veel te weinig aandacht in onze westerse rationele maatschappij. Ze werken alle drie samen, zitten héél dicht bij elkaar. En om er iets mee te kunnen doen, zélf de regie te nemen over je eigen keuzes en je eigen leven, helpt het om ze te snappen. Te weten waar je gedrag vandaan komt, wat je precies voelt en welke gedachten door je hoofd schieten.

Emoties zijn vaak veel sneller dan gedachten of gedrag. Binnen no-time vlammen ze op. Ze schieten door ons lijf voor we ons er bewust van zijn. En hebben vervolgens grote invloed op de dingen die we denken. En daarna op wat we (willen) doen.

Het probleem hierbij is dat we weinig woorden hebben voor emoties. De meeste mensen komen niet verder dan bang, boos of blij. Laat staan dat je weet welk effect die emoties hebben. Wat gebeurt er in je lijf als je bang bent? Krijg je letterlijk trillende knieën? Klotsende oksels? Gaat je stem een octaaf omhoog?

Een belangrijke stap in het Sterker-dan-Ooit proces is het herkennen van die emoties. Als je kunt herkennen welke fysieke signalen je hebt én vervolgens kunt omschrijven wat je voelt, dan heb je een belangrijk inzicht in de driehoeksverhouding tussen gevoel, gedachte en gedrag. Je kunt dat zien als emotionele fitheid.

Emotionele fitheid vult je lichamelijke én mentale fitheid aan. Je hebt alle drie nodig om evenwichtig én bewust te kiezen wat voor jou belangrijk is. Lichamelijke fitheid stelt je in staat te doen wat je belangrijk vindt. Mentale fitheid helpt je om constructieve gedachten te formuleren en helder na te denken. Emotionele fitheid helpt je om te herkennen wat er gebeurt in je gevoelsleven én welke fysieke signalen daarbij horen, zodat je kunt benoemen wat je nodig hebt.

Hoe dat in de praktijk werkt? Ik bereid met mijn kind haar mentorgesprek voor. Ze heeft er duidelijk geen zin in en geeft nietszeggende antwoorden. Ik voel haar ongemak, vindt ze het lastig om zich uit te spreken over wat haar dwarszit? Geen idee. Maar ondertussen groeit míjn frustratie. Ik voel me machteloos en niet in staat om haar te helpen. En de emotie bouwt op in mijn lijf. Ik kan niet meer stilzitten en schuif de stoel met een harde ruk naar achter. ‘Als het zó moet, dan zoek je het maar uit’. En realiseer me tegelijkertijd dat dit niet over háár gaat, maar over mijn eigen machteloosheid, mijn eigen onvermogen om de brug te slaan naar wat zij nodig heeft.

Mijn uitdaging? Nóg iets eerder herkennen wat er gaande is in mijn lijf. Snappen welke emotie mijzelf dwarszit. En dáárover communiceren. Met haar of op een ander moment met mijn lief. Zodat mijn gedrag niet in de weg komt te staan van dat wat ik eigenlijk graag wil, namelijk haar helpen.

Het is eigenlijk slow-motion kijken naar jezelf. Dit Sterker-dan-Ooit-proces. Onder een vergrootglas leggen wat je voelt, wat je denkt en hoe je reageert. Hoe we ongemakkelijke emoties omzetten in niet-effectief gedrag, daar schreef ik eerder over. In de volgende blog meer over hoe je verder kunt in dat proces van leren en sterk weer opstaan na zo’n lastige situatie. Wat als je die emotie ziet en herkent? Hoe dan verder?

Dit is een blog in een serie over Rising Strong, het boek van Brené Brown (Sterker dan Ooit) dat gaat over veerkracht, omgaan met teleurstellingen en sterker worden van tegenslagen. Klik hier om meer te lezen over Sterker dan Ooit?
Meer weten over de training Rising Strong? Kijk hier.

 

Omgaan met lastige emoties

Lezen, schrijven en rekenen leer je op school. Fietsen en zwemmen leer je van je ouders of van de badmeester. Van jongs af aan ontwikkel je je cognitieve en fysieke vermogens.

Met emoties werkt dat niet zo. Helaas worden wij niet echt goed getraind in hoe je met je gevoel om kunt gaan. We praten daar met elkaar niet over, we leren er op school weinig van. Je leert het vooral door te doen en door het ‘af te kijken’. Door hoe anderen het in jouw omgeving doen. Je ouders, broers en zussen, buren, leraren en ga zo maar door. In dat proces leer je jezelf allerlei strategieën aan die wel lijken te helpen, maar die eigenlijk geen oplossing zijn.

Als je je emoties niet onder controle hebt, dan hebben jouw emoties controle over jou. Dan zit jij zelf niet meer achter het stuur, maar wordt je gestuurd door boosheid, wraakgevoelens, angst of het gevoel er niet bij te horen. En je weet natuurlijk dat emoties niet vanzelf verdwijnen. Dat is allemaal (vaak opgekropte) energie, die er uit moet.

Dit zijn de meest voorkomende manieren waarop mensen met hun emoties om gaan:

1. Uit je dak gaan

Je hebt zoveel emoties weggestopt dat een schijnbaar onbelangrijke opmerking genoeg is om te ontploffen. Je omgeving loopt op eieren en kijkt wel uit wat er gezegd wordt. Heb je nooit last van zo’n uitbarsting door de week? Gelukkig is er in het weekend de voetbalwedstrijd van je kinderen. Dan kun je langs de lijn even lekker los. Of achter het stuur als iemand voor je in de file een domme actie uithaalt.

2. Terugkaatsen

Als je deze tactiek toepast, dan voel je meer dan je eigenlijk aan kunt. Je bent je er misschien niet altijd van bewust maar je eerste reactie is terugduwen. Woede over hoe die ander zo heeft kunnen doen. Verwijten en anderen de schuld geven van wat er is gebeurt. Maar ook onverschilligheid en mentaal afhaken door bewust het contact te verbreken. Alles is beter dan bij jezelf te voelen wat er aan de hand is en daarmee te dealen. Liever leg je de ellende bij de ander terug.

3. Verdoven

Emoties voelen doet soms pijn. En pijn willen wij liever vermijden of verdoven. Dus grijpen we naar de chocola als we chagrijnig zijn, gaan we shoppen als we verdrietig zijn, werken we ons helemaal te pletter als we zorgen hebben en angstig zijn en surfen de hele avond op facebook als we eenzaam zijn. En zo zijn er nog veel meer manieren om lastige emoties te verdoven die allemaal een kern van verslaving en verdoving in zich hebben. Het helpt natuurlijk niet, dat weet je al lang. En bovendien is er daardoor ook weinig plek om de fijne dingen te zien en te voelen.

We cannot selectively numb our emotions. When we numb the painful emotions, we also numb the positive emotions. – Brené Brown

4. Opkroppen

Je bent een kei in beheersing. je houdt je emoties voor je. Niemand heeft daar iets mee te maken en anderen hoeven daar geen last van te hebben. Dus houd je keurig bij je wat je voelt. Je slaat het allemaal op in je lijf. Dat kan natuurlijk niet eeuwig goed gaan. De spanning stijgt stap voor stap, tot het moment komt dat je lichaam STOP zegt. Hoofdpijn, slecht slapen, pijn in je nek, misselijk, overspannen, burn-out, whateverThe body always wins.

5. Vastzitten

Je hebt jezelf helemaal klem gezet. Je doet gewoon net of er geen verdriet of pijn is, dan gaat alles goed. Als je het er niet over hebt, dan is het er niet. Je praat er niet over en dat durf je ook eigenlijk niet. Want je hebt geen idee wat er gebeurt als je vooruit of achteruit gaat. Je wilt het niet echt, net doen of er niets aan de hand is. En je weet ook dat er wat speelt, maar je durft ook niet echt je emotie onder ogen te zien. Je bent veel te bang om volledig je controle te verliezen.

6. Keeping-up-appearances

Naar buiten toe ben je lief, aardig en behulpzaam en altijd beheerst. Niemand zal ooit zien dat je soms verdrietig bent of boos. Maar eigenlijk voel je je moe, gefrustreerd en wrevelig. Toch zeg je maar ja, toch sta je voor iedereen klaar, toch ga je maar door. Ook al wil je eigenlijk niet. Helaas voelt die vriendelijkheid en behulpzaamheid voor jezelf al lang niet meer authentiek, maar eerder als een tikkende tijdbom. En soms, als je dit al heel lang volhoudt, weet je niet eens meer dat het ook nog anders kan. En hoe dat er dan uit ziet.

 

Herken je deze patronen? Bij jezelf of bij anderen? Soms is het nog makkelijker om bij anderen te zien waar zij ‘last van hebben‘, dan zelf te herkennen wat onze eigen tactieken zijn. Die zijn immers al zolang onderdeel van wie we zijn en hoe we doen?!! En soms hebben we ook het gevoel dat het toch helemaal niet zo erg is om één van deze tactieken te gebruiken om onze emotie te managen. Maar zo onschuldig is het niet.

Deze strategieën passen we toe om lastige emoties niet te voelen. Helaas helpen ze ons niet echt verder. Door de lastige dingen niet te voelen, maken we ook geen plek voor de fijne en mooie emoties. En bovendien doen we met deze tactieken ook echt schade. Soms aan anderen, maar heel vaak ook vooral aan onszelf. Aan ons lichaam, onze energie, ons geluk.

Maar hoe dan wel? Hoe kunnen we leren beter om te gaan met onze emoties?

Dat begint bij herkennen. Benoemen. Onder ogen zien en stil staan bij wat je voelt. Maar wat zijn dan manieren om aandacht te besteden aan je emotie zonder erin te zwelgen en er helemaal in op te gaan?

Ieder van ons heeft manieren die goed werken in lastige situaties. De één ontspant door muziek. De ander slaapt een etmaal. Sommige mensen pakken hun hardloopschoenen en rennen een uur de benen uit hun lijf. Anderen zoeken het water op. Misschien neem jij de hond mee voor een lange wandeling in het bos. Wat werkt voor jou? Het helpt om dat eens op te schrijven. En jezelf te gunnen om dat wat je op schrijft, wat vaker te doen.

En daarnaast zijn er twee dingen die voor iedereen werken en die je altijd kunt doen:

1. Ademhalen
Ademhalen is een onderschatte vaardigheid. Je kunt het altijd en overal. Sterker nog, je doet het altijd en overal. En je kunt het dus altijd gebruiken als je geraakt wordt, als iets je kwetst, als je voelt… Haal diep adem. En doe het nog een keer. En dan misschien nog een keer. Het is een cadeautje dat je jezelf altijd geven kan en je zult merken dat het altijd helpt.

2. Aandacht
Emoties kunnen zich gedragen als peuters. Ze hangen aan de zoom van de broek en schreeuwen om aandacht. En hoe minder aandacht je ze geeft, hoe harder ze gaan schreeuwen om hun bestaan te bewijzen. Laat het niet zo ver komen. Geef ze de aandacht die ze nodig hebben. Dat hoeft niet zweverig of woo-woo te zijn. Je kunt gewoon van binnen tegen jezelf zeggen: ‘ik merk dat ik me verdrietig voel. Wat is er gebeurd?’ En soms helpt het om precies dat ook hardop te zeggen naar een ander, met wie je in gesprek bent: ‘Ik merk dat ik boos word.’ Dat is altijd beter dan je boos gedragen.

Door deze twee dingen toe te passen, hoe simpel ook, zul je zien dat je je gedrag minder laat beïnvloeden door je emoties. Je bouwt een pauze in tussen het moment dat je iets voelt en het moment dat je iets doet. Dat zorgt er voor dat je geen dingen doet waar je later spijt van krijgt. Of de emotie wegduwt en er op lange termijn last van krijgt.

Wordt het makkelijk? Nee, niet persé. Maar jij kunt er beter in worden.

It doesn’t get easier, you just get better.

Dit is een blog in een serie over Rising Strong, het boek van Brené Brown (Sterker dan Ooit) dat gaat over veerkracht, omgaan met teleurstellingen en sterker worden van tegenslagen. Meer weten over de training Rising Strong? Kijk hier.
zwarte piet, sinterklaas

Zwarte Piet

‘Wat vinden jullie eigenlijk van die zwarte-pieten-discussie?’ vraag ik mijn kinderen. ‘Mmm, niks eigenlijk… Maar gaan we dit jaar wel surprises en gedichten doen?’
Het maatschappelijke debat over de kleur van Sints’ maatje gaat hun interesse volledig voorbij. Terwijl het mij voorkomt alsof de toon bij het naderen van 5 december steeds scherper wordt.

Hoe komt dat toch?
En wat vind ik daar zelf eigenlijk van?

Toen jongste broer de leeftijd bereikte waarop het geloof werd vervangen door inzicht in het grootste toneelstuk van Nederland, slaakte mijn moeder een zucht van verlichting. We konden stoppen met surprises, gedichten en de hele santekraam.

Jarenlang ging mijn betrokkenheid met Sinterklaas niet verder dan mijn liefde voor kruidnootjes en borstplaat. En de enige tijd in het jaar dat ik wél hield van kikkers en muizen.

Tot ik mijn intrede deed in de schoonfamilie.

Daar is 5 december een heilige dag.

Een wekenlange geheimzinnigheid maakt zich van iedereen meester, die culmineert in een avondlang de mooiste surprises, de leukste gedichten, en strooigoed dat uit alle hoeken opduikt. Het is niet alleen die ene avond, maar ook alle verhalen over de tradities, over het zingen van liedjes bij de piano, over mijn schoonvader die alleen op 5 december zijn groene vest droeg, omdat daar van die handige zakjes in zaten om pepernoten in te verstoppen. Het zijn die gewone, bijzondere herinneringen, waardoor mijn interesse voor het Sinterklaasfeest nieuw leven kreeg ingeblazen. En toen wij zelf kinderen kregen vond ik mijzelf op stormachtige zaterdagen terug aan de rand van de kade in Rijswijk, met plakkerige kinderknuistjes en gespannen gezichtjes die verwachtingsvol keken naar de roestige boot die, opgeleukt met vlaggetjes, voor ons aangemeerd lag.

Ik was verkocht.

Toen in 2013 de zwarte pieten discussie opeens oplaaide, kon ik het dan ook niet laten de Pietitie te ondertekenen.

Handen af van ons Sinterklaasfeest!

Hoe kom je er bij om aan zo’n oude traditie te morrelen. Waarom moet het kinderfeest opeens onderwerp worden van ingewikkelde verhandelingen over racisme, en zelfs een gang naar de rechter? Belachelijk.

Maar in 2014 distantieerde ik me van het gesprek. De discussie werd steeds scherper. Het ging allang niet meer om de kleur van Piet, maar over wiens kant je kiest. Als Albert Heijn besluit om geen Zwarte Piet meer in de reclame te hebben, volgt een volksgericht op twitter. En zijn de concurrenten er als de kippen bij om te verklaren dat zij wel in het ‘juiste kamp’  zijn. Als RTL dit jaar besluit om met een Piet met roetvegen te gaan werken zijn de hatelijke comments niet van de lucht. Het gaat naar mijn idee al lang niet meer om hoe Piet er uit ziet. Maar om partij kiezen. Whose side are you on?

Die verharding van het debat  deed me in 2014 twijfelen of ik deze blog wel zou schrijven. En nu het debat nog niet over is, maar nog scherper lijkt te worden, merk ik opnieuw aarzeling bij mezelf om er iets over te zeggen. Ik wil niet in een hoek gezet worden. In een kamp van voor- of tegenstander. Maar ik wil ook niet leven in een land waarin we op zo’n manier met elkaar omgaan als er iets is dat ons raakt. En omdat dát zwaarder weegt dan mijn aarzeling heb ik deze blog toch maar weer tevoorschijn gehaald. Om mét elkaar te kijken wat er aan de hand is en hoe een uitweg uit dit debat mogelijk kan zijn. 

Waaróm is het debat zo scherp?

Volgens mij speelt onder dit debat een kwestie die veel verder gaat. Die gaat over wederzijds onbegrip, labels en stereotypen. En mensen in situaties van stereotypering en labelling vertonen heftige reacties. Ik kan het niet nalaten om hier een relatie te zien met het werk van Brené Brown. Stereotypering kan gevoelens van tekortschieten en schaamte oproepen. Wat soms grappig bedoeld is, kan extreem pijnlijk zijn voor degene over wie het gaat. Ieder van ons heeft dat wel eens meegemaakt. Je bent opeens ‘die ambitieuze bitch’, ‘dat boertje uit de provincie’, ‘de eeuwige student’, of ‘dat dyslectische kind’. Je voelt je bij de intocht van Sinterklaas opeens ‘die donkere jongen’ of als je naar een discussie kijkt met een tegenstander voel je je weggezet als ‘die racist met witte privileges’.

Met zo’n etiket komt een stroom aan verwachtingen en oordelen mee, waar het moeilijk tegen vechten is.

Hoewel dat bijna onmogelijk is, doen wij toch pogingen om onszelf tegen de scherpe kanten van die labels te beschermen. De reacties van mensen op deze stereotypering, kun je grofweg in drieën verdelen:

  • Tegenin bewegen: agressief gedrag, boosheid, irritatie, confrontatie zoeken, elke reactie die vooral ten koste van de ander gaat;
  • Naar toe bewegen: pleasen, comformeren, concessies doen, elke reactie die vooral ten koste van jezelf gaat;
  • Weg bewegen: vermijden, verstoppen, onttrekken aan het gesprek, elke reactie die vooral ten koste van de relatie gaat;

Al deze drie reacties zijn te zien in de zwarte-pieten-discussie. Zowel bij de tegenstanders als bij de voorstanders van Zwarte Piet. Mijn eigen irritatie die mij er destijds toe bracht om de Pietitie te tekenen deed me realiseren dat ik zelf ook last van labelling en stereotypering had.

Op zich interesseert de kleur van Piet mij niet.

Net als mijn kinderen hecht ik meer waarde aan de gezelligheid van het feest dan het uiterlijk van een van de hoofdpersonen in het toneelstuk. Waarom dan toch zo’n heftige reactie?

Ik denk dat het moment dáár was toen ‘wij, de voorstanders’, racistisch werden genoemd. Het VN onderzoek deed daarbij geen goed. Als iemand die nog nooit een voet in Nederland heeft gezet al kan concluderen dat Nederlanders racistisch zijn, dan voelt dat als gelabeld en stereotypering. Ik vind mijzelf geen racist en ik wil dat label niet dragen. Ik vind het oneerlijk dat ik daarvan beschuldigd word. Maar misschien nog wel meer dan dat label heb ik het gevoel dat ik tekortschiet als tolerante Nederlander dat zo’n discussie in ons land überhaupt zo’n ophef veroorzaakt. Maar vóór dat ik me daar van bewust was, reageerde ik al vol irritatie en tekende de Pietitie.

We zijn nu een paar jaar verder. De toon van het maatschappelijk debat is onverminderd scherp. Maar gelukkig zijn er wel steeds meer signalen die laten zien dat we best mét elkaar een oplossing kunnen bedenken voor dit soort discussies.

Ik geloof niet dat een gang naar de rechter het antwoord is. Wat de rechter ook zegt, een van beide partijen zal zich tekort gedaan voelen. Dan speelt toch de vraag:

Wil je gelijk of wil je geluk?

In situaties waar één van beide partijen, of zoals meestal, beide partijen zich tekort gedaan voelen en last hebben van stereotypering, is volgens mij maar een oplossing mogelijk. En dat is echte eerlijke gesprekken met elkaar voeren. Erkennen dat stereotypering aan beide zijden de oplossing niet dichterbij brengt, maar elkaar accepteren en waarderen voor wie we zijn. De tegenstellingen niet op scherp zetten, maar juist een brug slaan en een manier vinden om samen te leven en te genieten van een mooie traditie.

In mijn eentje kan ik dat niet bewerkstelligen. Maar wat ik wel kan doen is wat milder reageren en me niet meer laten verleiden tot heftige reacties die niet weerspiegelen wie ik eigenlijk wil zijn. Wél mijn grenzen duidelijk bewaken: ik ben niet racistisch en zo wil ik niet genoemd worden. Maar ook niet meegaan in de opgehitste menigte van Zwarte Pietevolgers, waar ik bijna in verzeild was geraakt.

Wij vieren dit jaar Sinterklaas, dat is zeker. En voor iedereen die wil weten wat wij doen met zijn maatje: ik denk dat we daar nog eens rustig met de kinderen over praten. Daar kunnen wij nog heel wat van leren.

toestemming

Toestemming

Het duurt eindeloos. Je ziet mij een beetje zielloos in de camera kijken. Af en toe een zucht. Ik kriebel aan mijn neus. En kijk mezelf met een gespannen en tegelijkertijd lichtelijk verveelde blik aan vanaf de computer.

Ik bekijk de opname van de online meet-up die ik deed. De meet-up is een onderdeel van onze pilotmaand waarin we een nieuw en spannend initiatief uittesten. En hoewel ik wel eerder een webinar deed, was ik nog niet eerder helemaal zelf in charge of the techniek.

Techniek en ik. Het is geen match made in heaven. Ik ben zo iemand die met een stalen gezicht tegen mijn man kan zeggen dat de printer nu écht aan vervanging toe is, om even later beschaamd te merken dat ik ’em zelf had uitgezet. (De printer dus. De man laat zich minder makkelijk uitzetten.)

Een paar uur eerder.
Ik heb de online meet-up een hele ochtend getest. Scherm delen, google hangout installeren, chatfunctie onderzoeken. Alles leek het te doen. Maximaal prepared.  Maar dat wil niet zeggen dat de spanning er minder om is.

Al eerder schreef ik over moed en het trainen van je ‘durfspier’. En dit soort dingen zijn voor mijn ‘durfspier’ een stevige workout. En als ik daar dan zit, voor mijn scherm, voel ik de zenuwen in mijn lijf en vraag me af: waar ben ik eigenlijk zo gespannen over? Ik bedoel, de testgroep, dat zijn allemaal leuke vrouwen. Ze weten bovendien dat deze maand een experiment is. En dat fouten maken er dus bij hoort. Sterker nog: dat als ik nu geen fouten maak, ik mezelf misschien niet genoeg gestretched‘ heb. Out of your comfortzone- where the magic happens.

Ik weet het natuurlijk wel. Ik ben misschien niet eens zo gespannen over wat zij er van vinden. Maar meer over mijn eigen oordeel.

Want vaak zijn wij zelf onze grootste criticus.

En is het juist ons eigen oordeel dat ons belet, meer dan iets anders, om te lachen over wat fout gaat, te leren wat nodig is en sterker uit de strijd te komen.

Er zijn mensen die zeggen dat je kunt leren om je interne criticus de mond te snoeren. Mij is dat nog nooit gelukt.

Mijn criticus gedraagt zich als een peuter.

Hoe harder en vaker ik zeg dat ‘ie moet stoppen omdat ik geen tijd en aandacht voor hem heb, hoe harder hij aan mijn broekspijp trekt en aan mijn kuiten hangt en gillend zijn aanwezigheid benadrukt. Ontkennen helpt niet. Maar dat wil niet zeggen dat hij de baas is. In plaats van hem de mond te snoeren, probeer ik er iets naast te zetten. Om het evenwicht te bewaren en mezelf te herinneren dat ik een keus heb naar welke stem ik luisteren wil.

Ik leerde van Brené Brown een hele praktische en concrete manier om daarmee om te gaan. Met die innerlijke criticus. Die angst om mezelf tegen te vallen.

Schrijf jezelf een permission slip.

Wat is het ergste dat je kan gebeuren? Geef jezelf daar toestemming voor. En schrijf het op. Hou het in zicht.  Hoe simpel ook. It makes all the difference.

Hoe het afliep? I did it. Dat groots falen dus. Vandaar die saaie start van de opname van het webinar. Het eerste kwartier gebeurde er niets noemenswaardigs. En de interactie met de deelnemers ging ook niet perfect. Net als het delen van mijn scherm om mijn slides te laten zien. Maar als ik me alleen dáár op focus, dan mis ik dat de meet-up ook een toegevoegde waarde had voor de groep. Voor de anderen die de opname kunnen bekijken. De interactie die er wél was en de voorbeelden die werden genoemd.

Dat de meet-up dus eigenlijk helemaal aan de doelstelling voldeed.

Powered by WishList Member - Membership Software